Een indruk van bij TISCHA
Het is augustus 2021. Na de commotie over het wel of niet veranderen van het klimaat en de bijbehorende binnen gehengelde subsidies voor klimaatprojecten, het nu al anderhalf jaar durende gezeik over Corona, wordt het zo dadelijk weer tijd voor de discussie rond Sint en Piet. Ik laat het licht er eens op schijnen samen met mijn vader.
Het Sinterklaasfeest. Sinds mijn jongste jaren heb ik daar warme herinneringen aan. Ik herinner mij de verwachtingen. Altijd Hoog! De spanning. Bijna ondragelijk! In november waren we de gang niet uit te krijgen. Vol verwachting klopte ons hart! Het jonge kinderbrein draaide op volle toeren. Welk gezinslid griste als eerste het huis-aan-huisblaadje van de plaatselijke speelgoedwinkel met mogelijke cadeau suggesties van de deurmat. Een hoogtepunt in de maand november en een felbegeerd item. Elk gezin kreeg er namelijk maar 1! Met gekleurde pennen werden de kinderwensen omcirkeld, doorgekruist en toch weer goedgekeurd. Na twee dagen was dat blaadje een volledig bekraste bende.
- rood: wil ik niet
- blauw: wil ik wel
- zwart: wil ik misschien.
Zonder enige gene, met de allerminste terughoudendheid, was ik dagen bezig met cirkels trekken en kruizen tekenen. Met de prijs van al dat moois, hield ik me niet zo bezig want dat was aan de Sint. Bovendien was Sint niet alleen een Heilige maar ook nog eens stinkhemeltje rijk.
Het Tischa Kinderbrein maakte in de maanden november en december overuren.
Niet alleen dat blaadje hield me dagenlang bezig.
Ook de gedachten over al die cadeautjes, die zomaar bij iedereen door de schoorsteen naar beneden sjeesden, hielden me buitengewoon bezig.
Het gepieker hoe dat in zijn werk moest gaan. Dat je naar beneden door de schoorsteen kon, was nog te aanvaarden. En dat je daar roetzwart van werd, had ik, na onderzoek, evidence-based, al aan den lijve ondervonden. Een vinger langs de wand van de openhaard op je gezicht uitgesmeerd, maakte je ineens een kleine Piet. Dat raadsel was snel opgelost. Hoe ging Pieterman toch weer naar boven? En hoe kon dat witte paard van de Sint op het dak lopen? En als de Sint aankwam met de boot waren er vele Pieten. Maar toch niet genoeg om alle kinderen van heel Nederland op 5 december tegelijk te bedienen? Dat verzonnen verhaal van hulp-Sinterklazen heb ik nooit geloofd. Want mijn Sint kon alles en dit alles, kennelijk tegelijk.
Heb je mij vaak zien kijken in onze openhaard? Heb je mijn diepe frons aanschouwt, toen ik diep nadacht over de vraagstukken die zo’n feest van de Sint met zich meebrengen?
Zo’n feest met vraagstukken dwingt het kind om logisch te leren nadenken. Het grootste cadeau van de maand december, zou ik zeggen. Omdat ik al jong tot de conclusie was gekomen dat ik feitelijk onhandig ben, leek het me destijds een slecht idee om het dak op te klauteren voor broodnodig onderzoek. Wij, mijn zusje en ik, wilden toch wel graag wat antwoorden om het dak-probleem op te lossen. Gelukkig hadden wij neef. Aangezien hij niets leuker vond dan te klauteren en te klimmen, hoefden we hem geen seconde over te halen het dak op te gaan voor inspectie. Als een rasechte dakkat sprong hij zo uit het zolderraam, inspecteerde eerst uitgebreid de goot, klom daarna op de dakkapel en bracht mondeling zijn bevindingen over. Sinds die gedenkwaardige middag weten wij dat het verdomd moeilijk moet zijn voor Sint en zijn paard om het dak te bereiken.
“”Want niet alle huizen liggen aan elkaar””
zo schreeuwde de neef ons kinderlijk slim toe.
“”Amerigo, de witte schimmel van Sint, kan onmogelijk van dak naar dak springen, die ruimte tussen de huizen is te groot en het paard kan al helemaal niet om de schoorsteen heen wandelen””
voegde hij toe.
Na een kleuter-middagvergadering, kwamen wij gezamenlijk en eensgezind buitengewoon snel tot de conclusie dat wat werd voorgespiegeld door volwassenen, niet, absoluut niet, tot de mogelijkheden behoorde.
Daarna hebben wij ons onderzoek gericht op ouders. Alles wat gezegd werd: op het goudschaaltje! Fronsen en gezichtsuitdrukkingen van ouders geïnterpreteerd en in nieuw belegde kleutervergaderigen met elkaar gedeeld. Groot onderzoek op de schoenversnaperingen. Wat is er in huis en wanneer. Kan het zijn, zo gisten we wild in het rond, dat het onze ouders zijn, die de snoepjes in onze schoen doen. En als dat zo is, wat betekent dat voor de cadeautjes die ons op 5 december tijdens het grote Sinterklaasfeest gegeven worden?
Op een avond zijn wij ons bed uitgeklommen. Tegen de slaap hoefden we niet te vechten want de adrenaline joeg door onze aderen. We wilden weten dat als je ouders nog beneden waren of je schoen dan al gevuld kon zijn, met zo’n zilverkleurige chocolade muis, die, als je deze openmaakte, gevuld was met geel of roze smerig snot. Niet te vreten overigens die chocolade muizen met dat snot. En ik kan het weten, ik was al vroeg chocoladekenner bij uitstek! Om een lang verhaal kort te maken: mijn ouders zitten op de bank en kijken naar de T.V. en ja hoor, wat treffen wij aan: een gevulde schoen met die gore snot-muis. De wortel lag nog waar we deze hadden neergelegd. Hoe kan dat nou? Vroegen wij het schuldige tweetal. Jullie zitten hier, Piet is hier geweest en neemt niet eens de moeite die wortel mee te nemen?
De Sint komt langs bij iedereen. Arm of rijk, wit of zwart en alle tinten daartussen.
Enkelen vinden het Sinterklaasfeest een feest van discriminatie. Ik persoonlijk vind het een feest van verbroedering. Als de Sint en Zwarte Piet in de Scheveningse Haven aankomen, staan alle kinderen met hun ouders van alle gezindten te juichen en te zingen. Enkele zeikers eisen al jaren gekleurde Pieten. De Pieten van de Regenboog. Of kaas Pieten. Of Koekjes Pieten. Absoluut geen chocolade Pieten. De Pieten komen dan niet meer door de schoorsteen de cadeautjes brengen want dan worden de Regenboog- of kaas Pieten zwart. Dan is alle commotie voor niets geweest. De cadeautjes moeten op een andere manier naar binnen gebracht worden. Een idee is dan dat de voor- en achterdeuren dag en nacht in de maanden november en december open gezet worden. Het Boevengilde heeft bij het parlement al aangegeven hier een groot voorstander van te zijn.
Ik begrijp niet waarom het parlement niet een referendum over deze zaak aan het ganse Nederlandse volk heeft voorgelegd. Bent u voor of tegen de Sint met zijn Zwarte Pieten? Ja of Nee. Gebruik uw rode potlood. Laat het volk zich uitspreken. Dat kunnen wij heel goed. En wat ik ook niet begrijp, is, dat dit hele Sinterklaas met Zwarte Pieten fenomeen in België helemaal geen probleem blijkt en lijkt te zijn.
Wat er nu gebeurt, vind ik vreemd en ik voel me ongemakkelijk. Ik voel me niet fijn omdat mijn mooie, dierbare herinneringen aan een fantastisch feest worden afgenomen. Bezoedeld. Mijn herinneringen die nu als onbehoorlijk worden bestempeld. Die maar beter vergeten kunnen worden.
Enkelen storen zich aan dit feest omdat zij vinden en denken te weten dat alle gekleurde medemensen zich gediscrimineerd voelen door dit feest. Dat zeggen zij tenminste. Ik betwijfel het ten zeerste. Waar ik geen enkele twijfel over heb, is het subsidiegeld dat de enkelen verdienen met deze hetze tegen de Sint.
Dat gezegd: wat doe je als je gediscrimineerd wordt:
- Als iemand anders iets te zeggen heeft over je uiterlijk, moet je direct terugslaan. Oog om oog, tand om tand.
- Dus met andere woorden als iemand tegen je zegt dat je zo zwart als de kachel bent en je vindt dat niet leuk, en terecht, dan maak je gelijk een opmerking over die lelijke dikke kont van de ander.
- Of over die te grote neus. Een inkoppertje. Die grote lelijke neus heeft bijna iedereen. Diegene die een mooie neus heeft, heeft of stom geluk gehad met de genen of is naar de plastisch chirurg geweest om het neusje te laten modelleren van lelijk naar acceptabel.
- Als andermans kind een opmerking maakt dat Zwarte Piet kennelijk in de winkel staat en de ouder grijpt niet in dan zeg je tegen dat kind de brute waarheid. Dat Zwarte Piet een wonderlijk pakje draagt en dat jij dat pak dus niet aanhebt. Tenzij je jezelf wonderlijk hebt uitgedost, dan kan je dat natuurlijk niet zeggen.
- Je zegt ook dat je voorvaderen uit Afrika komen.
- Je snauwt er nog achteraan dat Afrika een schitterend continent is waarnaar je ouders maar wat graag met vakantie naar toe willen gaan als ze dat zouden kunnen betalen. Maar dat het waarschijnlijker is dat die ouders het met de reisprogramma’s op de TV moeten doen.
- Dat de big 5 maar in de dierentuin bekeken moeten worden want dat jij met dit onnozele gedrag in Afrika niet welkom bent.
- Dat je komt uit een land van de onbegrensde schitterende natuur waar nog mensen en dieren in het wild en in vrijheid kunnen leven.
- Dat daar de zon immer schijnt en dat je daarom pigment hebt gekregen om je te beschermen tegen zonnebrand en huidkanker.
- Dat snoert de mond van een kind en het gaat met een nieuw perspectief huiswaarts.
Of, pap, we kunnen natuurlijk ook jouw persoonlijke lied invoeren: Sint en Piet, allebei bestaan ze niet. Dan zijn we van al het gezeik goed afgekomen en maken we er gewoon een ander feest van. Geschiedenis vervalsen, is van alle tijden.
Op 5 december, de Grote Cadeautjes Dag, geven alle ouders aan al hun kinderen cadeautjes. De kinderen geven aan alle ouders een mooie tekening en een wortel. Dan eten alle ouders in de decembermaand wortelen. Goed voor de ouders, uitstekend voor de ogen en goed voor de bedrijfstak in wortelen. Wel een gek gebruik: ‘decembermaand wortelen eten’. Een slimme student Geschiedenis kan dan in de toekomst een scriptie schrijven over dit wonderlijk Nederlands fenomeen.
Of Pap, wellicht, ik ben tegen, kan de drone uitkomst bieden.
De helderwitte moederdrone komt ergens in november het land binnen gevlogen en maakt een grote rondvlucht over het ganse land.
We zwaaien allemaal. Niemand uitgezonderd. Als je erop betrapt wordt dat je niet zwaait, mag je een jaar niet vliegen. Ongeacht je Corona-pas. Iedereen moet dat bovendien vanuit de eigen woonplek doen. We rijden nergens meer naar toe. Klimaat technisch heel verantwoord allemaal. Een bijkomend voordeel.
Als we allemaal buiten zijn en zwaaien, laat de moederdrone op een van te voren afgesproken plaats in de ruimte boven ons hoofd al haar baby’s los. De regenboog- baby-drones zwermen uit boven heel Nederland. Duizenden zullen de taken van die enkele Pieten vanaf heden overnemen, zo zeggen wij de kinderen. Tekeningen hoeven niet meer worden gemaakt want de moederdrone is een levenloos wezen en begrijpt dat niet. Bovendien is dat ook beter voor het milieu. Voor al dat tekenpapier, ten behoeve van de creatieve uiting, mijns inziens het ultieme kindercadeau, hoeven nu geen bomen meer gekapt te worden. De kinderen mogen nu, zo vaak ze willen, een virtueel dank-je-wel schepseltje, speciaal ontworpen voor de moederdrone, de virtuele snelweg opjagen.
Op 6 december, de verjaardag van de moederdrone, kan je beter binnenblijven. Op die dag maakt de moederdrone met al haar regenboog-baby-drones weer veilig in haar buik, een afscheidsvlucht boven Nederland. Dan laat de moederdrone een regen van wortelen boven het land los. Dat doen we om de bedrijfstak wortelen tegemoet te komen.
Oranje Boven.
